De Lusthof der Muziek

De Lusthof der Muziek biedt een ontdekkingsreis langs 750 jaar Nederlandse en Vlaamse muziektraditie, met speciale aandacht voor grotendeels vergeten genres zoals volksmuziek, speelmansmuziek, oude dansmuziek, kunstmuziek, liedboeken, straatliederen, anonieme componisten, enzovoort. De Lusthof der Muziek is een doorgeefluik van muziekbronnen die - dankzij internet - voor het eerst sinds eeuwen weer beschikbaar zijn. Alleen, ze staan over talloze websites verspreid. Met behulp van de Lusthof hopen we te bereiken dat ze niet alleen beschikbaar, maar ook makkelijk vindbaar zijn.

The Garden of Musical Delights delves into 750 years of musical tradition in the Low Countries: Flanders and the Netherlands. Read more

11 mei 2015

Handschrift Ferwerda (1734)

Het 'Handschrift Ferwerda',

‘Aangelegd de 6 juli 1734
Voor de Fluit
bij P.J. Ferwerda in Harlingen’


bevindt zich in de Bijzondere Collecties van de Universiteit Utrecht. Het bevat hoofdzakelijk menuetten, overgenomen uit een driedelige uitgave van Gerhard Fredrik Witvogel uit 1732-33, getiteld Trois Recueils de Menuets, Marches et Polonnoises. In het handschift is de muziek voor fluit getransponeerd.

Behalve dat P.J. Ferwerda in Harlingen woonde, komen we weinig van hem te weten. De naam Ferwerda was in de achttiende eeuw in Friesland te algemeen om de persoon achter het handschrift met enige zekerheid te kunnen identificeren.

G.F. Witvogel, die in dit verband misschien ook van meer belang is, leefde van ca. 1696 tot 1746. Hij was afkomstig uit Varel in Duitsland en werd begraven in Aken. Een belangrijk deel van zijn leven woonde hij echter in Amsterdam, waar hij organist was aan de Lutherse Nieuwe Kerk en in 1731 een muziekuitgeverij begon. Bij zijn overlijden omvatte zijn catalogus maar liefst 93 uitgaven, met werken van bekende buitenlandse componisten zoals Händel, Vivaldi, Quantz en Scarlatti, en van Nederlanders, waaronder De Fesch, Groneman, Klein en Nozeman. Overigens staan in de Trois Recueils hoofdzakelijk anonieme stukken.

De transcriptie werd verzorgd door Ad Kwakernaat.

Noten en bronnen

1) Annotatie: UB Utrecht Hs. 20 A 7 (was eerder signatuur: LBMUZ:Rar Mso 5).
2) G.F. Witvogel, 1732-1733: Trois Recueils de Menuets, Marches et Polonnoises pour servir au clavecin avec la basse continue en partiture, et pour servir au violon, au flûte traversière, et à d'autres instruments. Composées par differents auteurs, Amsterdam.
Premier Recueil: Menuet in D met 4 variaties door F. Geminiani, en anonieme stukken: 15 menuetten, 4 marsen en 3 polonoises.
Second Recueil: 26 anonieme stukken: 20 menuetten, 2 marsen, 4 polonoises.
Troisième Recueil: 54 anonieme menuetten.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Muzikale bestanden
- Scans van het origineel hier of hier.
- Transcriptie in PDF (2 Mb)
- Transcriptie in musicXML
- Transcriptie in mp3 (20 Mb)
- Transcriptie in myr
- Transcriptie in word-doc (4 Mb)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Handschrift Gresse (ca 1680)

Het ‘Handschrift Gresse’ stamt van rond 1680 en bevat bewerkingen voor klavierinstrument op voorgedrukt zeslijnig muziekpapier. Het is geschreven in verschillende handen. De naam die meerdere malen in het handschrift voorkomt, is die van ene Jb. Gresse. Musicoloog Alan Curtis, die er niet in slaagde de familienaam Gresse in de archieven te achterhalen, opperde in 1961 in dit verband de voornaam Jacob, wat we maar als een slippertje zullen beschouwen van iemand die verder zeer gedegen te werk ging. Deze voornaam lijkt namelijk geheel aan zijn fantasie te zijn ontsproten; er zijn zelfs geen aanwijzingen dat er een Jacob Gresse heeft geleefd. Toch is de naam blijven plakken, bijvoorbeeld in de catalogus van de Universiteit Utrecht.

Prelude, uitgevoerd door Ernst Stolz

J.B. den Hertog wist in zijn proefschrift uit 2009 meer helderheid te verschaffen. De Gresses bleken afkomstig uit Groenlo in de Achterhoek, waar verschillende generaties organist waren in de St. Calixtuskerk; in de eerste helft van de zeventiende eeuw, tot 1665, was dat Joachim of Jan Beerndt Gresse. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Jan. Een van zijn andere zonen, Frans of Franciscus, probeerde tevergeefs in Amsterdam een aanstelling als organist te bemachtigen. Den Hertog veronderstelt dat het boekje van een leerling van één van de Gresses is geweest, aangezien slechts bij enkele composities de naam Gresse wordt vermeld. Ook de korte muziektheoretische inleiding op de eerste pagina van het handschrift duidt op een lesboekje.

De transcriptie werd verzorgd door niemand minder dan onze trouwe transcribent Ad Kwakernaat.

Noten
1) Alan Curtis (red.), 1961. Nederlandse Klaviermuziek uit de 16e en 17e eeuw, Monumenta Musica Neerlandica, vol. 3. Amsterdam: Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis.
2) J.B. den Hartog, 2009. Anthoni van Noordt en zijn Tabulatuurboeck (proefschrift, Leiden Universiteit)

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bladmuziek en geluidsbestanden
* Originele handschrift: [Handschrift Gresse], UB Utrecht Hs. 20 A 5 (was eerder signatuur: LBMUZ:Rar Msq 1).
Scans van het origineel: http://objects.library.uu.nl/reader/resolver.php?obj=002311174&type=2
of
http://aleph.library.uu.nl/F/?func=direct&doc_library=UBU01&doc_number=2311174

* Transcriptie in PDF (4 Mb)
* Transcriptie in Word-doc (18 Mb)
* Transcriptie in MusicXML (< 1 Mb) * Transcriptie in MYR (< 1 Mb) * Transcriptie in Mp3 (24 Mb)

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

20 maart 2015

‘Handschrift Camphuysen’ (na 1652)

In het zogenaamde ‘Handschrift Camphuysen’ staan hoofdzakelijk eenvoudige zettingen voor klavierinstrument, veelal gebaseerd op psalmen, maar enkele ook op wereldlijke melodieën.

Anders dan de titel doet vermoeden is de auteur van het handschrift onbekend; de Amerikaanse musicoloog Alan Curtis gaf het deze naam om aan te geven dat het repertoire grote verwantschap vertoont met het liedboek Stichtelycke Rymen van de remonstrantse predikant en dichter D.R. Camphuysen (1586-1627). Curtis publiceerde in 1961 een uitgave van muziek uit een viertal klavierhandschriften, Nederlandse Klaviermuziek uit de 16e en 17e eeuw, met daarin ook een kleine selectie uit dit handschrift.


D.R. Camphuysen: niet de auteur, wel de inspratiebron. Bron: Protestantse portretten van Museum Catharijneconvent Utrecht en Vrije Universiteit Amsterdam (GvN).

De uitermate populaire Stichtelyke Rymen van Camphuysen werden tussen 1624 en 1759 meer dan vijftig keer heruitgegeven, waarbij met enige regelmaat muzikale vernieuwingen werden aangebracht. Zo werd er in de editie uit 1652 muziek van Joseph Butler in opgenomen, een stadsspeelman en schouwburgmuzikant in Amsterdam. Aangezien twee melodieën van Butler in het Handschrift Camphuysen zijn terug te vinden (te weten ‘Wanneer het Hert’ en ‘Hoe ongelijcken Lot’), stamt het handschrift vermoedelijk van na 1652, – en zodoende van na Camphuysens dood.

Speciale muzieknotatie
In het Handschrift Camphuysen komen twee notaties voor die tegenwoordig niet meer in gebruik zijn, te weten één dan wel twee schuine streepjes door de stok van een muzieknoot. Hoe deze notatie te interpreteren wordt uitgelegd in het voorwoord van de transcriptie (zie pdf en word-bestand hieronder). Meer informatie is te vinden in het voorwoord van Alan Curtis (1961) Nederlandse Klaviermuziek uit de 16e en 17e eeuw en Alexander Siblinger (2004) Keyboard Music before 1700.

De transcriptie werd gemaakt door Ad Kwakernaat. Ad heeft ervoor gekozen deze bijzondere notaties als volgt weer te geven. De aanduiding van één schuine streep door de stok van een noot is vertaald in een lage mordent en een noot met twee schuine strepen door de stok in een dubbele hoge mordent. Er zijn echter zeker ook andere muzikale keuzes mogelijk. Zelker bij het beluisteren van de mp3-bestanden zal duidelijk zijn dat de (hedendaagse?) muzikale smaak soms andere keuzes vraagt.

Het Handschrift Camphuysen maakt deel uit van de Bijzondere Collecties van de Universiteit Utrecht.

Noten en bronnen
- Schenkeveld-van der Dussen, 2014. Receptie, tekst en muziek van Camphuysens Stichtelycke rymen. In: De zeventiende eeuw, Vol 30, No 2. http://www.de-zeventiende-eeuw.nl/index.php/dze/article/view/9934/10414
- Rudolf Rasch, 2013. Geschiedenis van de muziek in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1572-1795, hoofdstuk 10: De theaters I: Amsterdam.
http://www.let.uu.nl/~Rudolf.Rasch/personal/Republiek/Republiek10-Theaters1.pdf
- Rudi A. Rasch, 1973. Some Notes on the Camphuysen Manuscript. Tijdschrift van de Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis. Deel 23, No. 1, pp. 30-43. http://www.jstor.org/stable/938864
- Rudolf Rasch, 2013. Geschiedenis van de muziek in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden 1572-1795, hoofdstuk 8: De kerken I: Reformatorische richtingen. http://www.let.uu.nl/~Rudolf.Rasch/personal/Republiek/Republiek08-Kerken1.pdf
- Alexander Silbiger, 2004. Keyboard Music Before 1700. Psychology Press, blz. 45 e.v.. In te zien op Google Books,
https://books.google.nl/books?id=6bJ4H1TJ7FYC. Doorzoek de tekst bijvoorbeeld op ‘double stroke’.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bladmuziek en geluidsbestanden
- Originele handschrift: [Handschrift Camphuysen], UB Utrecht Hs. 20 A 5 (was eerder signatuur: LBMUZ:Rar Mso 2). Scans van het originele handschrift zijn online beschikbaar:
http://objects.library.uu.nl/reader/resolver.php?obj=48200&type=6
of
http://aleph.library.uu.nl/F/?func=direct&doc_library=UBU01&doc_number=2311150
- Transcriptie in PDF (4 Mb)
- Transcriptie in Word-doc (10 Mb)
- Transcriptie in musicXML (< 1 Mb) - Transcriptie in MYR (< 1 Mb) - Transcriptie in mp3 (41 Mb)

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

1 maart 2015

Tielman Susato - Allerhande Danserye (1551)

De Antwerpse drukker Tielman Susato (ca. 1510/15 – na 1570) was een van de eerste muziekuitgevers van de Lage Landen. Voorheen (namelijk vanaf de tweede helft van de 15e eeuw) werd er vooral in Italië, Frankrijk en Duitsland muziek uitgegeven.

Susato was beroepsmuzikant. In 1531 was hij als stadspijper in dienst van de stad Antwerpen. In 1551 gaf hij drie ‘Musyck boexkens’ uit, met daarin polyfone muziek van verschillende componisten. Twee van die boekjes bevatten meerstemmige ‘amoureuse liedekens’, voorzien van Nederlandse teksten. In het derde staan ‘alderhande danserye’, ofwel instrumentale dansnummers. Dit was de eerste uitgave van instrumentale muziek uit onze contreien. In totaal gaf Susato een zestigtal bundels uit met missen, motetten, madrigalen, Franse en Nederlandse chansons, en dus één met dansen.


Meester van de Vrouwelijke Halffiguren: Musicerend gezelschap (detail, 1e helft 16e eeuw). (RKD)

Danserye bestaat uit vier stemboekjes (sopraan, alt, tenor en bas). De muziek is genoteerd in de zogenaamde mensurale notatie, zonder maatstrepen. Deze notatie is een voorloper van het moderne notenschrift. Het repertoire bestaat uit basse danses, branles, rondes, allemandes, galliardes en pavanen.

Er zijn twijfels of de polyfone composities in Danserye en aanverwante bundels werkelijk bedoeld waren om op te dansen (waarmee overigens niet is gezegd dat de melodieën zélf geen dansmuziek zouden zijn). Waarschijnlijk waren deze en vergelijkbare uitgaven veeleer bestemd voor rijke amateurs dan voor beroepsmuzikanten, en het is niet uit te sluiten dat ze met name werden gebruikt voor amateuruitvoeringen in de huiselijke sfeer. De muziek werd dan gespeeld door een consort ofwel muziekensemble, dat vaak bestond uit een ‘familie’ van vier dezelfde instrumenten, die op verschillende grondtonen waren gestemd.

Bernard Thomas (5) beargumenteert tevens dat de muziek niet noodzakelijkerwijs genoteerd staat in de toonsoort waarin zij werd uitgevoerd. Waarschijnlijk waren muzikanten gewend om bij het spelen te transponeren. De keuze voor de afgedrukte toonsoort hing samen met drie overwegingen: (a) het vermijden van hulpstreepjes, (b) een uitgangspunt kiezen dat transponeren eenvoudig maakte, en (c) het modale/tonale karakter van de toonzetting bewaren (toonsoorten met meer dan één of hoogstens twee bessen waren niet gebruikelijk). Een en ander betekent uiteraard dat ook de hedendaagse muzikant zich bij de uitvoering de nodige vrijheid kan – of zelfs moet – veroorloven. Meer details over de uitvoeringspraktijk zijn te vinden in de verhandeling van Thomas en in het voorwoord van de PDF die wij van Danserye maakten.

Voor wie wil weten hoe deze muziek kan klinken: de afgelopen decennia zijn de composities uit Danserye geregeld op lp, cd of anderszins vastgelegd. Luistervoorbeelden zijn onder meer te vinden op concertzender.nl en youtube.(6)

Noten en bronnen
1) http://home.scarlet.be/huib.billiet/grafisch/muziekdruk.html
2) http://www.dbnl.org/tekst/_vla016199301_01/_vla016199301_01_0007.php
3) http://nl.wikipedia.org/wiki/Tielman_Susato
4) http://www.muziekencyclopedie.nl/action/entry/Tielman+Susato
5) http://www.townwaits.org.uk/essays_susato.shtml Deze essays vormen een uitstekende musicologische introductie op Susato’s Danserye, inclusief een verhandeling over de gebruikte toonsoorten en het transponeren daarvan.
6) Een leuk voorbeeld is de playlist ‘Tielman Susato Danserije 1551’ van Ernst Stolz. Deze viola-da-gambaspeler en multi-instrumentalist heeft, in gevarieerde, historisch verantwoorde bezettingen, vrijwel de hele bundel opgenomen: https://www.youtube.com/user/ernststolz/playlists.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bladmuziek en geluidsbestanden

- Transcriptie in PDF (6,5 Mb)
- Transcriptie in Word-doc (14 Mb)
- Transcriptie in musicXML
- Transcriptie in MYR
- Transcriptie in mp3 (30 Mb)
- Transcriptie in abc (transcriptie Ad Kwakernaat)
- Transcriptie in abc (transcriptie door Frank Nordberg, interpretatie op basis van Giesberg)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

17 februari 2015

Hs. van Balthasar Kloeckhoff (1695)

Het muziekboekje van Balthasar Kloeckhoff is nauw verwant aan dat van zijn oudere broer Christiaan Augustus Kloeckhoff. Voor achtergrondinformatie verwijst de Vrolijke Plug daarom gemakshalve naar het bericht waarin het handschrift van Christiaan Augustus wordt gepresenteerd.


Scan van de eerste bladzijde uit het handschrift van Balthasar Kloeckhoff.

Dit handschrift werd getranscribeerd door Ad Kwakernaat.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bronnen en achtergronden

- Scans van het origineel: Gelders Archief
- Transcriptie in PDF
- Transcriptie in Word-doc (26 Mb)
- Transcriptie in musicXML
- Transcriptie in MYR
- Transcriptie in mp3 (110 Mb)
- Transcriptie in abc (volgt later)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Hs. van Christiaan Augustus Kloeckhoff (ca. 1695)

Ditmaal het eerste van een tweetal nauw aan elkaar verwante muziekboekjes, eigendom van de gebroeders Kloeckhoff uit Culemborg, die als lesmateriaal dienden toen zij aan het eind van de zeventiende eeuw in Duitsland gingen studeren. Deze boekjes bevinden zich in het Gelders Archief, in de nalatenschap van de familie Bosch van Rosenthal.

Christiaan Augustus (1676 – 1746) en Balthasar Kloeckhoff (1680 – 1764) waren zonen van Balthasar Kluckhoff (1649 – 1708) en Catharina Rüllmans (overl. 1721). Kluckhoff senior was afkomstig uit Duitsland en had zich in de jaren zeventig van de zeventiende eeuw in Culemborg gevestigd. Naast bestuurlijke functies in het graafschap bekleedde hij daar een vertrouwenspositie bij gravin Louise Anna van Waldeck-Eisenberg (1653 – 1714), de toenmalige gravin van slot Culemborg.


Culemborg, Sint Andries Schans, Cuylenburg, Jan Peeters, Gaspar Bouttats, 1674

De broers groeiden dus op in een gegoed milieu. Rond hun achttiende kregen ze muziekonderricht van Henrich (Heinrich) Reinis, een beroepsmusicus en muziekdocent uit het Duitse Wesel, enkele tientallen kilometers ten oosten van Nijmegen. Waarschijnlijk studeerden de broers in die tijd rechten in Duitsland. De beide manuscripten, lesboekjes voor clavecimbel, werden vermoedelijk grotendeels door deze Henrich Reinis samengesteld. Reinis was in 1686 organist in Dortmund; in Wesel was hij dirigent van het Collegium musicum (muziekgezelschap) en werkte hij als organist en kantor (leider van een kerkkoor). De bundels bevatten een veelzijdig repertoire, variërend van statige dansen, liederen en protestantse koralen tot meer volkse populaire dansen en liedjes. De bundels dragen – niet zo verwonderlijk – een duidelijk Duitse signatuur, maar er komen ook enkele nederlandstalige en ‘pan-Europese’ stukken in voor.

Klassieke musici hebben de handschriften eerder al dankbaar doorgespit op zoek naar origineel repertoire. De Nederlandse toetsenist Dirk Luijmes ontdekte er een suite in van Johann Jacob Froberger, die zowel door hem als door de Duitse klavecinist Wolfgang Kostujak op cd werd gezet.

Dit handschrift werd getranscribeerd door Ad Kwakernaat. Voor het handschrift van Balthasar Kloeckhoff verwijzen we naar dit bericht hier op de Lusthof der Muziek.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bronnen en achtergronden

- Scans van het origineel: Gelders Archief
- Transcriptie in PDF
- Transcriptie in Word-doc
- Transcriptie in musicXML
- Transcriptie in MYR
- Transcriptie in mp3 (70 Mb)
- Transcriptie in abc (volgt later)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

6 februari 2015

Speelmansboek van VanPelt uit Maastricht/Tongeren (1786-1824)

Het speelmansboek van VanPelt wordt bewaard in de O.L.Vrouwebasiliek in Tongeren (hs. 81). Het handschrift draagt de naam van P.J. Vanpelt, vermoedelijk zowel de eigenaar als opsteller van het handschrift, en tevens de componist van tenminste drie stukken daarin. Mogelijk betreft het hier ene Petrus-Josephus Vanpelt, maar eerlijkheidshalve dienen we te erkennen dat daar geen zekerheid over bestaat.

Wel zijn er betrouwbare aanwijzingen dat het handschrift daadwerkelijk uit Maastricht stamt. Behalve dat het opdook in het nabijgelegen Tongeren, schuilen die vooral in de verschillende melodietitels die refereren aan de stad, de naaste omgeving en enkele bekende inwoners.


Jan Josef Horemans de jongere (Antwerpen, ca. 1714-1790): Dansende mensen voor een herberg (ca. 1760).

Het chronologisch geordende vioolboek bevat 467 nummers en omspant de periode 1786-1824. Het veelzijdige repertoire suggereert dat Vanpelt als muzikant van vele markten thuis was. Het lijkt erop dat hij zowel actief was in de schouwburg als in de kerk, en dat hij daarnaast als speelman optrad bij officiële gelegenheden (denk bijvoorbeeld aan schuttersfeesten) en danspartijen van de burgelijke middenklasse.

Het handschrift bevat (veelal Franse) opera-aria's, muziek voor kerkensemble, dansen, marsen en liederen. Onder de dansen vinden we met name colonnes, quarées (zijnde de twee vormen van contradansen die Vanpelt onderscheidt), menuetten en walsen. In enkele melodieën klinkt een meer ‘volkse’ afkomst door. De meeste deunen zijn eenstemmig genoteerd, maar er zijn ook zo’n zeventig stukken voor twee violen.

In 1996 verscheen bij Alamire Peer een facsimile druk van het handschrift met een inleiding door Gilbert Huybens en Eugen Schreurs, met daarin veel waardevolle informatie over de afkomst van de melodieën, het muziekleven in die tijd en het weinige dat over P.J. Vanpelt bekend is. Huybens en Schreurs ontdekten dat een groot aantal melodieën ook in de lijvige La Clé du Caveau (Parijs, 1811) is terug te vinden. De vierde editie van La Clé du Caveau (Parijs, 1848) is de volledigste (2350 nummers) en vermeldt tevens uit welke opera’s de melodieën afkomstig zijn.

Het handschrift van VanPelt werd getranscribeerd door Ad Kwakernaat.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Bronnen en achtergronden

- Transcriptie in PDF (32 Mb)
- Transcriptie in Word-doc (74 Mb)
- Transcriptie in musicXML
- Transcriptie in MYR
- Transcriptie in mp3 (deun 1-150)(108 Mb)
- Transcriptie in mp3 (deun 151-300)(132 Mb)
- Transcriptie in mp3 (deun 301-467)(110 Mb)
- Transcriptie in abc

D. Capelle (samensteller), La Clé du Caveau (1e druk, Parijs, 1811)
URL: Archive.org (zonder de uitgebreide inhoud en bronverwijzingen)

D. Capelle (samensteller), La Clé du Caveau (4e druk, Parijs, 1848)
URL: Hathitrust (met uitgebreide inhoud en bronverwijzingen, maar alleen online te bekijken)

E. Schreurs (1996) Late 18th- and Early 19th-Century Polyphonic Settings of Speelman Music from Maastricht. In: Revue belge de Musicologie / Belgisch Tijdschrift voor Muziekwetenschap, Vol. 50, pp. 153-165. URL: JStor

P.J. Vanpelt, Speelmansboek uit Maastricht (facsimile uitgave, Alamire 1996), met een inleiding door G. Huybens & E. Schreurs.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Historische Nederpop (2014): een nieuwe verzameling oude muziek voor de trekharmonica

Hoewel hier op de Lusthof der Muziek lange tijd geen nieuwe muziek heeft geklonken, is deze blog zeker niet ter ziele. Achter de schermen heeft Ad Kwakernaat, onze rots in de branding, stug doorgewerkt, en wel aan twee zeer bewerkelijke projecten.

Het eerste project van Ad - en het spijt ons dat we daar niet al véél eerder over hebben bericht - is een muziekboek voor de trekharmonica, gebaseerd op een persoonlijke keuze van Ad uit alle deunen die hij in de loop der jaren voor de Lusthof heeft 'ingeklopt'.

Dit prachtige boek, dat de titel Historische Nederpop heeft meegekregen, bevat bijna honderd deunen afkomstig uit negen verschillende Nederlandse muziekhandschriften uit de 16e tot en met de 19e eeuw. Ieder handschrift is voorzien van een korte historische introductie en alle muziek is geschikt gemaakt voor CF-trekharmonica, compleet met akkoorden en voorzien van 'tablatuur'. Frans Tromp nam de arrangementen van een aantal deunen voor zijn rekening. Bij het boek krijg je een cd waarop alle nummers op basis van computersamples worden voorgespeeld.

In het voorwoord schrijft Ad, die al jarenlang bladmuziekuitgaven van hemzelf en collega-muzikanten verzorgt: 'Ik geloof dat ik nog nooit zo lang en zo intensief met één muziekboek in de weer ben geweest.' Het resultaat is er dan ook wel naar!

Op de website De Harmonicahoek vind je meer informatie over dit boek, inclusief uitleg over hoe je het kunt bestellen.

Het tweede project dat Ad onlangs heeft afgerond is de digitalisering van het handschrift van VanPelt uit Maastricht. Een bericht over dit handschrift staat op stapel!

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~